Er bestaan veel verschillende verkeersborden. Deze hebben niet allemaal te maken met verplaatsingen van kinderen, maar ze kunnen wel een plaats krijgen in heel wat lessen: het aantal borden tellen, de vorm herkennen (cirkel, driehoek, ruit, rechthoek…), de bestaande verplaatsingswijzen herkennen, de respectieve voordelen en nadelen hiervan vergelijken, de tekening op het bord beschrijven. De mogelijkheden zijn legio …

Download hier de verkeersborden


Toestemming voor de fietser om door het rode licht te rijden

Als je met de fiets onderweg bent, mag je van dit verkeersbord rechtdoor door het rode licht rijden of rechts afslaan, maar je moet wel steeds uitkijken voor voetgangers.


Schoolstraat

Dit bord verbiedt auto’s en brommers om door een straat te rijden waar een school gelegen is, behalve voor bestuurders die in deze straat wonen (als ze heel traag rijden).


Fietsstraat

Als je dit verkeersbord ziet in een straat, betekent dit dat de snelheid beperkt is tot 30 km/u en dat de auto’s fietsers niet mogen voorbijsteken.


Woonerf

Zie je dit bord in een straat, dan betekent dit dat de snelheid er beperkt is tot 20 km/u en dat voetgangers en fietsers in heel de straat mogen lopen, rijden en spelen en dat auto’s voor hen moeten uitkijken. Maar opgelet, voetgangers mogen de verplaatsingen van de auto’s niet vrijwillig hinderen.


Verplicht fietspad

Waar dit verkeersbord staat, moeten fietsers verplicht op het fietspad rijden.

Ideeën voor activiteiten van Roxy en Roxanne

1. Stel een uitstap met de klas voor. Wandel door de buurt en maak een lijstje van alle elementen die verband houden met verkeersveiligheid: verkeersborden, fietsvoorzieningen, hoe je oversteekt op het zebrapad, moeilijke kruispunten…

Vraag nadien aan de kinderen te tekenen of neer te schrijven wat ze hebben onthouden van de uitstap. Laat ze vervolgens nadenken over welke houding ze het best aannemen op de meest kritieke en drukke plaatsen van het traject.

Voorbeelden:

  • Een hindernis ontwijken op de stoep (kind van 6-8 jaar)
  • Aan de stoeprand blijven staan vóór het oversteken (kind van 6-8 jaar) ()
  • Oversteken op het zebrapad (kind van 8-10 jaar) ()
  • Oversteken tussen twee geparkeerde auto’s (als op minder dan 20 meter afstand geen zebrapad is en het niet anders kan. Dit maneuver zoveel mogelijk vermijden en eerst oefenen met een volwassene vóór je het op straat doet) (kind van 10-12 jaar)
  • Als er geen stoep is: op het fietspad stappen en voorrang verlenen aan fietsers, steps en bromfietsen. Is er helemaal niets, dan loop je links van de weg op de berm (6-12 jaar)
  • De ingang van een garage: goed kijken of er geen voertuig de garage in- of uitrijdt (6-12 jaar) ()
  • Rechtsomkeer maken of van richting veranderen met een volwassene op de stoep (het kind moet opnieuw aan de kant van de huizen gaan lopen) (6-8 jaar)
  • De tramsporen oversteken: opgelet, de tram heeft altijd voorrang! (9-12 jaar) ()
  • Oversteken in de buurt van een bus of wanneer er grote voertuigen kortbij het zebrapad staan: deze verhinderen dat het kind het verkeer ziet en omgekeerd (9-12 jaar)
  • Oversteken waar het zebrapad over een fietspad loopt (9-12 jaar)
  • Verkeersvrije straat/ zone: geen onderscheid tussen de stoep en de straat, maar deze is niet enkel voorbehouden aan voetgangers (9-12 jaar)

 

2. Maak met uw klas (of met heel de school) een affiche om verkeersborden te illustreren en aan te geven op wie deze betrekking hebben en vraag vervolgens de ouders om deze na te leven. Hoe deze boodschap overbrengen (tekening, slogan …) ?